Selected

Original Text
Sofian S. Siregar

Available Translations

68 Al-Qalam ٱلْقَلَم

< Previous   52 Āyah   The Pen      Next >  

بِسْمِ اللَّهِ الرَّحْمَٰنِ الرَّحِيمِ
In the name of Allah, Most Gracious, Most Merciful.

68:1 نٓ ۚ وَٱلْقَلَمِ وَمَا يَسْطُرُونَ
68:1
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Nôen. Bij de pen en wat zij schrijven.

68:2 مَآ أَنتَ بِنِعْمَةِ رَبِّكَ بِمَجْنُونٍ
68:2
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Jij bent dankzij de gunst van jouw Heer geen bezetene.

68:3 وَإِنَّ لَكَ لَأَجْرًا غَيْرَ مَمْنُونٍ
68:3
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En voorwaar, voor jou is er zeker een beloning zonder onderbreking.

68:4 وَإِنَّكَ لَعَلَىٰ خُلُقٍ عَظِيمٍ
68:4
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En voorwaar, jij beschikt over een hoogstaand karakter.

68:5 فَسَتُبْصِرُ وَيُبْصِرُونَ
68:5
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Jullie zullen zien en zij zullen zien.

68:6 بِأَييِّكُمُ ٱلْمَفْتُونُ
68:6
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wie van jullie de (met bezetenheid) beproefde is.

68:7 إِنَّ رَبَّكَ هُوَ أَعْلَمُ بِمَن ضَلَّ عَن سَبِيلِهِۦ وَهُوَ أَعْلَمُ بِٱلْمُهْتَدِينَ
68:7
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, jouw Heer weet het beste wie van Zijn Weg is afgedwaald en Hij kent het beste de rechtgeleiden.

68:8 فَلَا تُطِعِ ٱلْمُكَذِّبِينَ
68:8
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Gehoorzaam daarom de loochenaars niet.

68:9 وَدُّوا۟ لَوْ تُدْهِنُ فَيُدْهِنُونَ
68:9
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij wensen dat jij toegeeflijk zal worden, dan zullen zij (ook) toegeeflijk worden.

68:10 وَلَا تُطِعْ كُلَّ حَلَّافٍ مَّهِينٍ
68:10
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En gehoorzaam geen enkele verachtelijke edenzweerder.

68:11 هَمَّازٍ مَّشَّآءٍۭ بِنَمِيمٍ
68:11
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Een lasteraar die rondloopt met roddelpraat.

68:12 مَّنَّاعٍ لِّلْخَيْرِ مُعْتَدٍ أَثِيمٍ
68:12
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Een tegenhouder van het goede, buitensporig, zondig.

68:13 عُتُلٍّۭ بَعْدَ ذَٰلِكَ زَنِيمٍ
68:13
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Die daarnaast ook nog een bruut is, en bastaard.

68:14 أَن كَانَ ذَا مَالٍ وَبَنِينَ
68:14
Sofian S. Siregar (Dutch) :
(Hij is ongelovig) omdat hij een bezitter van rijkdom en zonen is.

68:15 إِذَا تُتْلَىٰ عَلَيْهِ ءَايَـٰتُنَا قَالَ أَسَـٰطِيرُ ٱلْأَوَّلِينَ
68:15
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wanneer Onze Verzen aan hem voorgedragen worden, dan zegt hij: "Fabels van de vroegeren."

68:16 سَنَسِمُهُۥ عَلَى ٱلْخُرْطُومِ
68:16
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wij zullen hem brandmerken op zijn snuit.

68:17 إِنَّا بَلَوْنَـٰهُمْ كَمَا بَلَوْنَآ أَصْحَـٰبَ ٱلْجَنَّةِ إِذْ أَقْسَمُوا۟ لَيَصْرِمُنَّهَا مُصْبِحِينَ
68:17
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wij hebben hen beproefd zoals Wij de bezitters van de tuin hebben beproefd, toen zij zwoeren in de morgen van haar (vruchten) te zullen plukken.

68:18 وَلَا يَسْتَثْنُونَ
68:18
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Maar zij maakten geen voorbehoud.

68:19 فَطَافَ عَلَيْهَا طَآئِفٌ مِّن رَّبِّكَ وَهُمْ نَآئِمُونَ
68:19
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen ging er een bezoeking (storm) van jouw Heer in haar rond, terwijl zij sliepen.

68:20 فَأَصْبَحَتْ كَٱلصَّرِيمِ
68:20
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij werd als een verschroeid stoppelveld.

68:21 فَتَنَادَوْا۟ مُصْبِحِينَ
68:21
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen riepen zij tot elkaar in de ochtend.

68:22 أَنِ ٱغْدُوا۟ عَلَىٰ حَرْثِكُمْ إِن كُنتُمْ صَـٰرِمِينَ
68:22
Sofian S. Siregar (Dutch) :
"Gaat deze ochtend naar jullie akkers, als jullie van plan zijn om te oogsten."

68:23 فَٱنطَلَقُوا۟ وَهُمْ يَتَخَـٰفَتُونَ
68:23
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zo vertrokken zij, terwijl zij naar elkaar fluisterden.

68:24 أَن لَّا يَدْخُلَنَّهَا ٱلْيَوْمَ عَلَيْكُم مِّسْكِينٌ
68:24
Sofian S. Siregar (Dutch) :
(Zij zeiden:) "Laat er deze dag geen enkele arme bij jullie binnengaan."

68:25 وَغَدَوْا۟ عَلَىٰ حَرْدٍ قَـٰدِرِينَ
68:25
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En zij vertrokken die ochtend, vastbesloten om (de armen) te weren.

68:26 فَلَمَّا رَأَوْهَا قَالُوٓا۟ إِنَّا لَضَآلُّونَ
68:26
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Maar toen zij haar (de tuin) zagen, zeiden zij: "Voorwaar, wij zijn zeker dwalenden.

68:27 بَلْ نَحْنُ مَحْرُومُونَ
68:27
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wij zijn zelfs beroofd."

68:28 قَالَ أَوْسَطُهُمْ أَلَمْ أَقُل لَّكُمْ لَوْلَا تُسَبِّحُونَ
68:28
Sofian S. Siregar (Dutch) :
De meest wijze onder hen zei: "Heb ik jullie niet gezegd dat jullie de Glorie (van Allah) hadden moeten prijzen!"

68:29 قَالُوا۟ سُبْحَـٰنَ رَبِّنَآ إِنَّا كُنَّا ظَـٰلِمِينَ
68:29
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij zeiden: "Heilig is onze Heer: voorwaar, wij waren onrechtvaardig."

68:30 فَأَقْبَلَ بَعْضُهُمْ عَلَىٰ بَعْضٍ يَتَلَـٰوَمُونَ
68:30
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen keerde de ene groep zich tegen de andere, elkaar verwijten makend.

68:31 قَالُوا۟ يَـٰوَيْلَنَآ إِنَّا كُنَّا طَـٰغِينَ
68:31
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij zeiden: "Wee ons! Voorwaar, wij waren buitensporig.

68:32 عَسَىٰ رَبُّنَآ أَن يُبْدِلَنَا خَيْرًا مِّنْهَآ إِنَّآ إِلَىٰ رَبِّنَا رَٰغِبُونَ
68:32
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Hopelijk zal onze Heer ons een betere (tuin) in de plaats van deze geven: voorwaar, wij hopen vurig (op vergeving) van onze Heer."

68:33 كَذَٰلِكَ ٱلْعَذَابُ ۖ وَلَعَذَابُ ٱلْـَٔاخِرَةِ أَكْبَرُ ۚ لَوْ كَانُوا۟ يَعْلَمُونَ
68:33
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zo was de bestraffing. En de bestraffing in het Hiernamaals is zeker groter, als zij het zouden weten!

68:34 إِنَّ لِلْمُتَّقِينَ عِندَ رَبِّهِمْ جَنَّـٰتِ ٱلنَّعِيمِ
68:34
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, voor de Moettaqôen zijn er bij hun Heer Tuinen van gelukzaligheid (het Paradijs).

68:35 أَفَنَجْعَلُ ٱلْمُسْلِمِينَ كَٱلْمُجْرِمِينَ
68:35
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zullen Wij hen die zich aan Allah hebben overgegeven net zo behandelen als de misdadigers?

68:36 مَا لَكُمْ كَيْفَ تَحْكُمُونَ
68:36
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wat is er met jullie? Hoe oordelen jullie?

68:37 أَمْ لَكُمْ كِتَـٰبٌ فِيهِ تَدْرُسُونَ
68:37
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Of hebben jullie een Schrift waar jullie in kunnen studeren?

68:38 إِنَّ لَكُمْ فِيهِ لَمَا تَخَيَّرُونَ
68:38
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Waar waarlijk voor jullie in is wat jullie kiezen?

68:39 أَمْ لَكُمْ أَيْمَـٰنٌ عَلَيْنَا بَـٰلِغَةٌ إِلَىٰ يَوْمِ ٱلْقِيَـٰمَةِ ۙ إِنَّ لَكُمْ لَمَا تَحْكُمُونَ
68:39
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Of hebben jullie een verdrag met Ons dat tot aan de Dag der Opstanding geldt, dat er waarlijk voor jullie is wat jullie oordelen?

68:40 سَلْهُمْ أَيُّهُم بِذَٰلِكَ زَعِيمٌ
68:40
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Vraag hun wie van hen daarvoor verantwoordelijk is.

68:41 أَمْ لَهُمْ شُرَكَآءُ فَلْيَأْتُوا۟ بِشُرَكَآئِهِمْ إِن كَانُوا۟ صَـٰدِقِينَ
68:41
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Of beschikken zij over deelgenoten? Laat zij dan komen met kun deelgenoten, als zij waarachtig zijn.

68:42 يَوْمَ يُكْشَفُ عَن سَاقٍ وَيُدْعَوْنَ إِلَى ٱلسُّجُودِ فَلَا يَسْتَطِيعُونَ
68:42
Sofian S. Siregar (Dutch) :
(Gedenkt) de Dag waarop de onderbenen ontbloot zullen worden en zij opgeroepen worden om neer te knielen, terwijl zij daartoe niet in staat zijn.

68:43 خَـٰشِعَةً أَبْصَـٰرُهُمْ تَرْهَقُهُمْ ذِلَّةٌ ۖ وَقَدْ كَانُوا۟ يُدْعَوْنَ إِلَى ٱلسُّجُودِ وَهُمْ سَـٰلِمُونَ
68:43
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Hun ogen zullen angstig teneergeslagen zijn, vernedering zal hen bedekken. En waarlijk, zij werden opgeroepen om zich neer te knielen, terwijl zij (nog) gezond waren.

68:44 فَذَرْنِى وَمَن يُكَذِّبُ بِهَـٰذَا ٱلْحَدِيثِ ۖ سَنَسْتَدْرِجُهُم مِّنْ حَيْثُ لَا يَعْلَمُونَ
68:44
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Laat daarom degene die deze Boodschap loochent aan Mij over. Wij zullen hen langzaam maar zeker vernietigen, op een manier dat zij het niet merken.

68:45 وَأُمْلِى لَهُمْ ۚ إِنَّ كَيْدِى مَتِينٌ
68:45
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En ik zal kun uitstel geven. Voorwaar, Mijn plan is sterk.

68:46 أَمْ تَسْـَٔلُهُمْ أَجْرًا فَهُم مِّن مَّغْرَمٍ مُّثْقَلُونَ
68:46
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Of vraag jij van hen een beloning, zodat zij met een schuld worden belast?

68:47 أَمْ عِندَهُمُ ٱلْغَيْبُ فَهُمْ يَكْتُبُونَ
68:47
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Of is bij hen (kennis) van het onwaarneembare, zodat zij het kunnen opschrijven?

68:48 فَٱصْبِرْ لِحُكْمِ رَبِّكَ وَلَا تَكُن كَصَاحِبِ ٱلْحُوتِ إِذْ نَادَىٰ وَهُوَ مَكْظُومٌ
68:48
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wees daarom geduldig tot het Oordeel van jouw Heer komt, en wees niet als de Profeet Yôenoes, toen hij (tot Allah) riep terwijl hij verbolgen was.

68:49 لَّوْلَآ أَن تَدَٰرَكَهُۥ نِعْمَةٌ مِّن رَّبِّهِۦ لَنُبِذَ بِٱلْعَرَآءِ وَهُوَ مَذْمُومٌ
68:49
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Als hem van zijn Heer geen genade bereikt had, dan was hij zeker op een kwade plaats neer gesmeten, met verwijten beladen.

68:50 فَٱجْتَبَـٰهُ رَبُّهُۥ فَجَعَلَهُۥ مِنَ ٱلصَّـٰلِحِينَ
68:50
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Daarna verkoos zijn Heer hem en maakte Hij hem tot één van de rechtschapenen.

68:51 وَإِن يَكَادُ ٱلَّذِينَ كَفَرُوا۟ لَيُزْلِقُونَكَ بِأَبْصَـٰرِهِمْ لَمَّا سَمِعُوا۟ ٱلذِّكْرَ وَيَقُولُونَ إِنَّهُۥ لَمَجْنُونٌ
68:51
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En bijna zouden degenen die niet geloven jou omwerpen met hun blikken, wanneer zij de Vermaning horen. En zij zeggen: "Voorwaar, hij is zeker bezeten."

68:52 وَمَا هُوَ إِلَّا ذِكْرٌ لِّلْعَـٰلَمِينَ
68:52
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Terwijl hij (de Koran) niets anders is dan een Vermaning voor de werelden.